Archeologische pioniers - Karl Weber en Kathleen Kenyon

Duo-lezing


De archeologie als wetenschap is niet van vandaag op morgen ontstaan. Na de eerste toevallige ontdekkingen en schatgraverijen hebben veel personen nieuwe technieken toegevoegd en nieuwe accenten gelegd. De twee archeologen die tijdens de lezing besproken worden, hebben beiden op heel eigen wijze bijgedragen aan de vernieuwing van de archeologie.†


De Zwitser Karl Weber deed vanaf 1750 opgravingen in de toen net ontdekte Romeinse steden Pompeji en Herculaneum (ItaliŽ). Hij legde onder andere de beroemde Villa dei Papiri bloot. Weber pleitte ervoor niet alleen naar kostbaarheden te graven, maar ook naar de stedenbouwkundige context. Dat hij een stad als geheel probeerde te begrijpen was voor die tijd een revolutie. De Engelse Kathleen Kenyon begon in 1952 met het opgraven van Jericho (Palestina). Een enorme heuvel bedekte deze stad en haar beroemde muren. Kenyon introduceerde een opgravingstechniek waarbij het terrein in vakken van 4 bij 4 meter verdeeld werd. Elk vak werd systematisch onderzocht, waarbij elk spoor en elk object technisch werd beschreven. Haar methode vormt nog steeds de basis voor modern archeologisch onderzoek.


Sprekers: Gemma Jansen en Noor Mulder-Hymans


- Maastricht, 27 oktober 2010

- Roermond, 28 oktober 2010


Alle informatie op deze website is eigendom van Rubico © 1998-2018†
website door magister design